Hielprik

Rond de vierde dag na de geboorte nemen wij enkele druppels bloed af uit de hiel van jullie kind. Dit bloed wordt opgestuurd naar het laboratorium en onderzocht op een aantal ernstige, zeldzame aangeboren ziektes. Deelname aan de hielprik is vrijwillig, en er zijn geen kosten aan verbonden.

 

Welke ziektes?

 Het bloed van de hielprik wordt onderzocht op verschillende ziektes: een ziekte van de schildklier, een ziekte van de bijnier, erfelijke vorm van bloedarmoede (sikkelcelziekte en thalassemie), taaislijmziekte (cystic fibrosis) en een aantal stofwisselingsziekten. Lees hier meer over deze ziektes. 

 

Doel van de hielprik

Een snelle opsporing van deze ziektes kan zeer ernstige schade aan de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van jullie kind voorkomen of beperken. De meeste ziektes zijn niet te genezen maar wel te behandelen, bijvoorbeeld met medicijnen of een dieet.

 

Dragerschap sikkelcelziekte

Bij de hielprik kan ook bepaald worden of jullie kind drager is van sikkelcelziekte. In dat geval is je kind zelf niet ziek en kan de ziekte ook nooit krijgen. Als je kind echter later een partner treft die ook drager is, heeft hij of zij 25% kans om een kind te krijgen met sikkelcelziekte. Jullie kunnen zelf aangeven of je de uitslag over dragerschap wel of niet wilt weten.

 

Uitslag

Geen bericht is goed bericht. Als er een ziekte wordt gevonden zal de huisarts binnen vier weken contact opnemen met jullie om de vervolgstappen te bespreken. Een enkele keer kan het nodig zijn dat de hielprik herhaald wordt. Dit is het geval als de uitslag niet duidelijk is.

 

Bron: RIVM